Diversen

Meta's Tuintobberijen (10)

Tegeltaks

Nederland vergrijst. Niet alleen de hoofden van de inwoners, ook hun voortuinen. Tegels en beton rukken op. Steeds meer mensen laten een groot deel van hun tuin bestraten, omdat ze opzien tegen het onderhoud van groen of omdat ze een parkeerplaats op hun eigen terrein willen hebben. Dit is nadelig voor het milieu. Voortuinen vormen een groene buffer tussen de openbare weg en de bebouwing. Deze groenstrook voert regenwater af, vangt fijnstof op, slaat koolstofdioxide op en produceert zuurstof. Bovendien zorgen voortuinen voor een leefmilieu voor insecten en vogels en geven ze het straatbeeld een vriendelijker aanzien.

Voor de rubriek Stenen Tijdperk in Groei & Bloei Magazine van enkele jaren geleden sprak ik met allerlei mensen over dit verschijnsel. Wat kunnen we doen tegen die verstening? Hoe maak je tuiniers duidelijk dat een onderhoudsarme voortuin een aantrekkelijke optie is? Groei & Bloei geeft hiervoor regelmatig tips en ideeën. Ook de geïnterviewden kwamen met goede suggesties. Maar in de meeste reacties klonk ook pessimisme door. Knappe jongen (of meisje) die eenmaal gestort beton de tuin weer uit krijgt.

En inderdaad, het mocht dan het jaar van de biodiversiteit zijn, het was overduidelijk dat Nederlanders niet massaal naar de drillboor grepen om de geplaveide voortuin open te breken. En uiteindelijk mag iedereen toch zeker doen en laten wat hij wil? Dat was de opmerking waarmee de meeste ondervraagden het gesprek afsloten. Toch begint men bij die vrije wil in de voortuin zo langzamerhand wat vraagtekens te zetten.

Mensen die regelmatig te kampen hebben met wateroverlast, omdat het regenwater in hun directe omgeving niet weg kan zakken in de bodem, pleiten voor een verplichting om een bepaald percentage van een perceel onverhard te laten. Zo’n verplichting lijkt voorlopig niet haalbaar. Maar indertijd hoorde ik een nieuwe term vallen in het verhardingsdebat: tegeltaks. Het idee was dat men per vierkante meter verharding tegelbelasting gaat betalen. Van de opbrengst kunnen gemeenten bijvoorbeeld bomen uitdelen aan inwoners die wél van groen houden. 

Was dit een grap? Het deed me denken aan de Kabouter-
beweging uit de jaren zeventig en de flowerpower van de
hippies. Ach, dat waren nog eens tijden! Voorgoed voorbij...
Google hielp me echter snel uit de droom. Niks voorbij.
Niks grap. Het leek erop dat de geschiedenis zich ging
herhalen. De tegeltaks was een van de ideeën van een
nieuwe politieke beweging in opkomst: de Partij voor de
Planten. De oprichters wilden duurzaamheid en lange
termijn-denken op de agenda krijgen. Het ging om kwes-
ties als klimaatverandering, verwoesting van ecosystemen
en teruggang van biodiversiteit. Serieuze problemen waar-
over ze zich zorgen maakten. 

Dat gaf hoop. Het beginselprogramma was nog niet af; we waren welkom om mee te denken en te sleutelen. Dus ik spoorde zestig-plussers met flowerpower-verleden aan. Kom achter die geraniums vandaan. De barricades op! Jullie moeten weer tegels lichten. 

Inmiddels staan ons alweer verkiezingen te wachten. Maar geen spoor op de kieslijsten van de Partij voor de Planten. Heeft de partij indertijd geen wortel geschoten? Is het initiatief in de kiem gesmoord? Of was het toch een grap en nemen we de verstening van onze omgeving niet serieus?

Meta Snijders

Naar boven

meer
24
May
Natuurlijk zaaien: Aquilegia ‘Nora Barlow’
23
May
Bericht uit Singapore