Diversen

Meta's Tuintobberijen (12)

Slijmjurken

Zijn jullie er klaar voor? Ze komen er weer aan! Slakken...
In april beginnen slakken aan hun eerste legsel: ze kruipen door kieren onder aardkluiten en leggen daar zo’n vierhonderd eieren. Drie weken later komen die eitjes uit en twee maanden later is de nieuwe generatie volwassen. Tel uit je winst.
In onze vorige tuin – met een flinke kikkerpopulatie – deed ik de klaagzangen over slakken af als overspannen gezeur van fanatieke plantenvertroetelaars. Inmiddels heb ik alle begrip voor tuiniers met het NIMBY-slakkensyndroom. Een slak is een prachtig dier, maar Not In My Back Yard!

Een mens leert snel bij en inmiddels heb ik aardig wat gelezen over slakkenbestrijding. Ik vertel je vast niets nieuws als ik wijs op de mogelijkheden van schelpengrit, fijngestampte eierschalen, Rijnzand, kalk, zaagsel, gesteentemeel, houtas, cacaodoppen, grind, dolomiet, zwavel, kiezelwierpoeder, dennennaalden en koffiedik. Maar misschien zijn de zegeningen van slakkengier je nog onbekend? Dan volgt hier het recept: neem zestig dode slakken. Doe ze in een emmer water en laat die drie dagen staan. Regelmatig even doorroeren. Met dit mengsel kun je zowel grond als gewassen bespuiten. Of het helpt? Ik zou het niet weten, want hiermee heb ik nog niet geëxperimenteerd. En dat is niet omdat ik geen zestig slakken bij de hand zou hebben! Nee, ik zit – samen met wat medestrijdsters – nog in een andere fase van het syndroom. Fase ze-moeten-wel-weg-maar-ik-ga-ze-niet-vermoorden. Dit gezamenlijke uitgangspunt maakt ons nog niet tot een homogene strijdbeweging. Ons peloton valt uiteen in verschillende secties.

Ten eerste is daar de sectie die graag dieren inzet in de strijd.
Zorg voor vogels, kikkers en egels in je tuin en die knappen dan
het vuile werk voor je op. Dan heb je de plantensectie. Oost-
indische kers, hysop, salie, tijm en teentjes knoflook, daarmee
zou je de slijmjurken buiten het tuinhek houden. Vervolgens is
er een sectie die nogal arbeidsintensief te werk gaat. De leden
van dit onderdeel sluipen ’s avonds door hun tuin gewapend met
een zaklamp. Ze loeren onder dakpannen, koolbladeren, sinaasappelschillen of vochtige zeildoeken die op strategische plaatsen als slakkenlokkers zijn neergelegd. Tenslotte is er nog een éénvrouwssectie. Volgens haar zijn lokmiddelen totaal overbodig. Ze weet precies waar de vijand zich in haar tuin ophoudt en dat gepadvinder met een zaklamp vindt ze achterhaald gedoe. Zij werkt liever met degelijke zoeklichten. Iedere avond kruipt ze over het tuinpad in het schijnsel van de koplampen van haar auto.

Bij onze beraadslagingen komt één punt altijd weer op de agenda. Wat te doen met de aldus verzamelde slakken? Niet vermoorden, dat vinden we zielig. Bij de buren in de tuin deponeren dan? Niet zo sociaal en bovendien akelig dichtbij ons eigen strijdperk. Sommigen reizen af naar gemeenteplantsoentjes, anderen blijven zwijgzaam over hun verdwijningsroutes.
Laatst kwam iemand met een totaal nieuwe strategie op de proppen. We zouden de hosta’s uit onze tuinen moeten verwijderen. Als er geen voedsel meer voorradig is, dan blaast de vijand altijd de aftocht. Dit voorstel werd natuurlijk meteen van tafel geveegd. Deze methode valt immers onder uithongeringstactiek. Inhumaan, oordeelden we unaniem.

Meta Snijders

Naar boven

meer
24
May
Natuurlijk zaaien: Aquilegia ‘Nora Barlow’
23
May
Bericht uit Singapore